De terugkeer van de Indonesische luchtvaartmaatschappij Garuda naar Europa, is symbolisch voor de groeiende vitaliteit van de Indonesië. De economie groeit momenteel met ruim 5% op jaarbasis, aangedreven door lokale consumptie, export en investeringen. President Susilo Bambang Yudhoyono is vorig jaar met een overtuigende meerderheid herkozen. Dit ondanks de impopulaire maatregelen die hij de afgelopen jaren heeft moeten nemen, zoals drastische verlagingen van de subsidies op brandstof en electriciteit. De Indonesiërs, opvallend genoeg ook in de lagere- en midden-inkomensgroepen, realiseren zich dat de hervormingen nodig zijn. Met een begrotingstekort van minder dan twee procent van het bruto binnenlands product en een lage staatstschuld (28% van het Bruto Binnenlands Product), scoort Indonesië beter dan bijna alle euro-landen. Ook de inflatie en de rente bewegen zich op een respectievelijk laag en stabiel niveau. De bankensector is al eind jaren negentig grondig gesaneerd met scherpe eisen aan corporate governance en kredietverleningsregels, en heeft mede daardoor nauwelijks last gehad van de wereldwijde financiële crisis. Indonesië heeft het gemiddeld inkomen per hoofd van de bevolking in de afgelopen tien jaar met 50% zien groeien tot US$ 2300 per jaar, en is daarmee opgeklommen tot een midden-inkomensland.
Minstens even belangrijk als de zichtbare macro-economische successen, zijn de in stilte voortgaande wettelijke en institutionele hervormingen. De Indonesische instituties zoals de Belastingdienst, de Douane en het Agentschap voor de Investeringen, jarenlang berucht vanwege machtsmisbruik en corruptie, hebben bedrijven de laatste jaren verrast met een veel professionelere dienstverlening. Hoewel de wetten die zij moeten uitvoeren nog vaak ingewikkeld en soms onduidelijk zijn, voeren zij ze nu over het algemeen naar eer en geweten uit. Daarbij speelt ook een rol dat tegenwoordig bijna niemand meer veilig is voor de anti-corruptie-commissie KPK. Ook de persvrijheid, die voor Zuid-oost Azië op een eenzaam hoog niveau ligt, dwingt goede publieke gedragsnormen af.
Natuurlijk zijn er in een land met de uitgestrektheid en bevolkingsomvang van half Europa nog de nodige bestuurlijke uitdagingen. De regionale autonomie is een nog niet voltooid bouwwerk. De verdeling van bevoegdheden tussen Jakarta en de regio’s wordt echter steeds helderder. De bevolking is bovendien heel goed in staat lokale leiders te kiezen die zich daadwerkelijk inzetten voor de regio. Steeds meer regio’s hebben dan ook capabele en integere bestuurders en de dienstverlening door steeds meer overheidsinstellingen wordt beter. Na afloop van de nationale volkstelling die deze maand werd afgerond en die naar verwachting een bevolkingstotaal van tussen de 235 en 240 miljoen zal opleveren, ontvingen wij een sms met dank voor de medewerking.
Buitenlandse ondernemers die zich verdiepen in Indonesie raken vrijwel zonder uitzondering enthousiast over de mogelijkheden. Recente conferenties in Indonesië, zoals over infrastructuur en aardwarmte, kenden een grote internationale belangstelling. Ook voor Nederland liggen er grote mogelijkheden, zoals in watermanagement en energievoorziening. Er is behoefte aan geavanceerde kennis om de infrastructuur-knelpunten op te lossen en de productie-capaciteit uit te breiden. En, minstens even belangrijk, er zijn steeds meer financieringsmogelijkheden omdat Indonesië in de ogen van de internationale krediet-beoordelaars nog slechts een gradatie verwijderd is van de, hoogste,‘investment grade’. Er komen zelfs nieuwe technologieën uit Indonesië. Vorige week werd de mobiele sociale netwerk-provider Koprol, jawel van het Nederlandse woord, overgenomen door Yahoo. In de lijst van meer concurrerende landen van het Institute for Management Development (IMD) steeg Indonesië vorig jaar zeven plaatsen, naar nummer 35.
Garuda is niet alleen terug in Europa, met aankomst in Amsterdam op 2 juni. De maatschappij won vorige week ook de World Airline Award voor meest verbeterde luchtvaartmaatschappij. Wanneer zo’n prijs ook aan landen uitgereikt zou worden, zou Indonesië een goede kanshebber zijn.
Elmar Bouma, Directeur INA – Indonesië-Benelux Kamer van Koophandel




